De Vierde Sluis: Het mysterie achter het hart van 'Op 'e Slûs'

Wie in Jubbega woont, woont “Op ‘e Slûs”. Het is de plek waar we onze boodschappen doen, waar de kinderen spelen en waar het sociale leven bruist. Maar wie de officiële archieven induikt, stuit op een historische eigenaardigheid.

Ons dorpscentrum, dat al eeuwen bekendstaat als ‘De Derde Sluis’, is technisch gezien eigenlijk de vierde. Het is een vergissing die diep in onze identiteit is geworteld en die alles te maken heeft met de ontembare drang naar de ontginning van het Friese veen.

Een trap van water

Om dit mysterie te begrijpen, moeten we terug naar de tijd dat de Schoterlandse Compagnonsvaart met de hand werd gegraven. De verveners werkten zich vanuit Heerenveen een weg naar het oosten, dieper het onherbergzame hoogveen in. Naarmate ze verder trokken, stuitten ze op een natuurkundig probleem: de bodem liep naar het oosten toe aanzienlijk omhoog. Water stroomt echter niet uit zichzelf de heuvel op.

Om de vaart bevaarbaar te houden en het waterpeil te beheersen, moesten er sluizen (of ‘vallaatjes’) worden gebouwd. Het was als een trap van water waarmee de turfschepen telkens een tree hoger werden getild. De eerste tree lag in Heerenveen zelf. De tweede tree volgde bij Bontebok en de derde werd aangelegd bij Oudehorne.

De geboorte van de ‘foute’ telling

In augustus 1774 was het de beurt aan Jubbega. De ontginning was inmiddels zo ver gevorderd dat er een nieuwe sluis nodig was om het water in de richting van Donkerbroek op peil te houden. Officieel was dit de vierde sluis in de rij. Maar in de beleving van de schippers en arbeiders uit die tijd telde de sluis in de drukke stad Heerenveen niet echt mee; die hoorde bij de bewoonde wereld. De telling begon voor hen pas ‘in het veld’. Zo werd de sluis bij Bontebok de eerste, die bij Oudehorne de tweede, en de gloednieuwe sluis in Jubbega… de derde.

Wachten brengt leven in de brouwerij

De aanleg van deze sluis in 1774 veranderde alles voor onze regio. Een sluis was in de achttiende eeuw namelijk meer dan alleen een technisch hoogstandje; het was een onvermijdelijk knelpunt. Schippers moesten hier vaak uren, soms wel dagen wachten tot ze aan de beurt waren om geschut te worden.

Waar mensen wachten, ontstaat handel. Rondom de sluis verrezen al snel de eerste kroegen waar de schippers hun dorst konden lessen en de laatste nieuwtjes uitwisselden. Er kwamen winkeltjes voor de dagelijkse behoeften en zelfs een dokterspost vestigde zich nabij de sluis. Een prachtig overblijfsel uit deze bloeitijd is de markante artsenwoning bij de huidige overkluizing, die rond 1900 werd gebouwd door vervener J. Hoogeveen en destijds als een paleis tussen de eenvoudige arbeiderswoningen moet hebben gestaan.

Van zandrug naar vaartdorp

Vóór de komst van de sluis lag het zwaartepunt van het leven in Jubbega-Schurega op de oude zandrug, langs de huidige Schoterlandseweg. Daar stonden de boerderijen en de kerk. Maar de economische kracht van de sluis was zo groot dat het dorp letterlijk ‘verhuisde’. De levendige nederzetting aan de vaart groeide de oude dorpskern voorbij en werd het nieuwe, kloppende hart van de gemeenschap.

De sluis vandaag: Een onzichtbaar monument

Hoewel de fysieke sluis in de loop der jaren is vervangen door een stuw en de vaart in het centrum is overkluisd voor een parkeerterrein, is de geest van de sluis nooit verdwenen. Wanneer we spreken over “Op ‘e Slûs”, brengen we onbewust een eerbetoon aan die beslissende zomer in 1774.

Onze historie

Meer ontdekken?

Duik dieper in onze geschiedenis, ontmoet onze ondernemers of leer meer over het leven in de dorpen.

Secret Link